Duitse kampbeulen en Nederlandse Slavenhandelaren

Sylvia Witteman moet bij de merknaam van haar oude kreng van een “ijskast” aan een Duitse kampbeul denken (VK 24.12.2019). Hoe kan dat? Een navraag via Twitter heeft geleerd dat het geen “Liebherr” is maar een “Gaggenau”. Nu is Gaggenau een Duitse stad met (uiteraard) ook een oorlogsverleden. Een kampbeul met die naam is echter niet te traceren. Sterker nog: Gaggenau is alles behalve een gangbare achternaam. Gaggenau is een vrij exclusief Duits witgoed- en keukenmerk. Het bedrijf is pas in 1963 opgericht en heeft dus ook nooit aan concentratiekampen geleverd.
Moet Sylvia Witteman soms altijd als een van haar Duitse producten het niet meer doet aan kampbeulen denken? Is zij hier ooit voor behandeld maar heeft het niet geholpen? Waarom heeft zij die “kampbeul” in de eerste plaats überhaupt in huis gehaald?
Het kan gek komen. Ik heb bij de naam Witteman nog nooit aan een meedogenloze oude Hollandse slavenhandelaar hoeven denken, maar nu was het zo ver. Past eigenlijk ook veel beter dan Gaggenau bij een kampbeul. Nu nog zien er weer van af te komen.

1 thought on “Duitse kampbeulen en Nederlandse Slavenhandelaren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.