Auteursarchief: Helmut

Smoel

Ben je ook tegen de komst van het grote datacentrum van Meta in Zeewolde? Zou het niet zonde zijn als de energieopbrengst van een groot windpark meteen weer zou worden opgeslokt door zoiets als een datacenter?
Tot zover de makkelijkere vragen. Nu komen de moeilijkere:
Maak je graag gebruik van WhatsApp? Zit je op Facebook en/of Instagram? Chat je met Messenger?

Ja? Dan heb je dus een januskop zoals Quirinus Krinkel uit Harry Potter (https://nl.wikipedia.org/wiki/Quirinus_Krinkel). Misschien niet helemaal zo erg, maar toch. En met die januskop maak je deel uit van een groot en bont gezelschap. De politieke partij waar ik lid van ben heeft bijvoorbeeld ook zo’n januskop. Maar dan nog veel erger: een dubbele! De lokale raadsleden hebben vóór de komst van het datacenter gestemd. Landelijk is tegen. En terwijl landelijk GroenLinks tegen is, verwijzen ze op hun website wel naar hun presentie op Whatsapp, Facebook en Instagram, zoals je hieronder kunt zien.

Kom op! Dat is toch geen porem. Toon smoel en kap ermee! Dat levert pas een profiel op om “U” tegen de zeggen. Bewust gebruik van digitale middelen begint bij jezelf. Bij jou ook?

Ontmanteling

Na zes jaar opbouwwerk komt er einde aan de Moeshoeve, de tuin voor (basisschool)kinderen in Huissen. Jammer! Net nu de meidoornhagen bijna hoog genoeg zijn voor de heggenvlechters. De Moeshoeve zag er in al die tijd nog nooit zo mooi uit als dit jaar. Veel vrijwilligers hebben er veel tijd, deskundigheid en energie in gestoken – en ondertussen ook zeer genoten van de mooie rustige ligging, het gezamenlijke spitten, kweken, planten, wieden, bewateren, snoeien, zeisen en oogsten – vooral als de kinderen erbij waren.

Klaar voor 2021

De Moeshoeve ligt ver weg van de scholen. Het is niet gelukt om scholen voor de Moeshoeve te interesseren. Alleen individuele kinderen met hun ouders/grootouders konden via lokale media en mond-tot-mond reclame worden geworven. De meesten van hen bleven enthousiast tot dat de aardbeien op waren en het onkruid begon te groeien. Slechts een enkel kind hield vol tot de boerenkool kon worden geoogst. Sommige kinderen bleven wel meerdere jaren tuinieren.

Vraag niet naar de verhouding tussen de inzet van de vrijwilligers en de educatieve opbrengst daarvan. Maar misschien moet je die vraag in het reguliere onderwijs ook niet stellen.

En de laatste jaren speelde ons de hitte, de droogte en de plaag van de mediterrane draaigatjes op en rondom de Moeshoeve steeds meer parten. Nu de professionele bestrijding met behulp van aaltjes en injectie van heet water wordt aangepakt op het hele terrein, is de knoop doorgehakt. Exit Moeshoeve.

Nu is het opruimen geblazen. Hopelijk zal het tegen de mieren al helpen dat we alle tegels van de tegelpaadjes tussen de afzonderlijke percelen in opnemen. Afbraak! Dat doe je natuurlijk liever niet. Maar wij doen het gewoon wel. Wij 60plussers gaan niet lamballen! Op naar de nieuwe locatie. Wij mieren gewoon door, terwijl onze afstand tot de arbeidsmarkt groeit en groeit en groeit … 😉

P.S.: Maar wie zal straks van de heerlijke frambozen en bessen snoepen en de vruchten van de boomgaard oogsten? En wat gebeurt er met de vergeten groente?

Boosterbord

Het loopt niet zo goed met de booster-vaccinatie. Ouderen zouden online een afspraak kunnen maken. Maar ze wachten veelal liever op de brief. Terwijl inmiddels toch duidelijk zou moeten zijn dat ze een DigiD moeten hebben. Want ze moeten inloggen met de DigiD! Wat gaat er mis?

Ik ben een willekeurige oudere gaan volgen. Laten we hem Piet noemen. Hij is van 1954 en had dus op de dag van vandaag al lang een afspraak kunnen maken, maar komt daar nu pas achter. Hij heeft een DigiD en hij heeft DigiD apps op zijn mobieltje en op zijn tablet, iemand heeft hem daarbij geholpen. Hij weet dat hij met zijn DigiD moet inloggen en gaat aan de slag. Hij opent dus de DigiD app op zijn tablet, klikt op “verder” en krijgt vier letters te zien. Oh, denkt hij, dan moet ik zeker ook de app op mijn mobieltje opstarten. Ook daar krijgt hij vier letters te zien….. Op die manier inloggen met DigiD lukt hem dus niet.

Even terzijde: Wat zou het fijn zijn als DigiD op zou starten met een klein keuzemenu of de vraag: Waar wil je inloggen? of Waarvoor wil je inloggen? om je – in dit geval meteen naar de afsprakenpagina voor de booster-vaccinatie door te geleiden! Maar dat is niet zo. Nog niet?

Piet vraagt advies. Hij krijgt te horen dat hij bij de RIVM of bij de GGD moet inloggen en het best eerst maar eens kan googelen op “boosterprik”. Via zijn zoekmachine komt hij al gauw op de pagina: https://www.rivm.nl/covid-19-vaccinatie/vragen-achtergronden/boostervaccinatie . Daar staat heel wat uitleg, maar Piet hoeft geen uitleg. Hij heeft meer dan zes maanden geleden zijn tweede vaccinatie gehad en verder niks bijzonders, dus hij wil gewoon zijn booster-prik! Gelukkig staat op die pagina ook een link “Voor meer informatie over planning en uitnodiging: website Rijksoverheid”. Niet nog meer uitleg! Maar goed, er zit niets anders op. Piet komt uit op: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-vaccinatie/aanpak-coronavaccinatie/boostervaccinatie .

Daar ziet hij dat mensen uit 1957, 1958 en 1959 zijn uitgenodigd, maar hij is van 1954! Wat nu? Hij leest verder en besluit in arren moede toch maar op de link te klikken die voor de jonkies is bedoeld. Daar komt hij weer allemaal informatie en voorwaarden tegen, maar gelukkig ook een link naar www.coronavaccinatie-afspraak.nl. Eindelijk een afspraak maken, denk Piet en klikt op de link. Tot zijn verbazing komt hij terecht op de pagina: https://coronatest.nl/ . Hoezo test? Maar er staat ook iets over vaccinatie. Sterker nog, er is een link naar corronavaccinatie.nl Maar die link leidt alleen maar naar de pagina: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-vaccinatie . Daar is dan wel eindelijk de link naar “Boostervaccinatie”. Jammer! Piet heeft het niet meer, want die link gooit hem weer vier pagina’s terug naar https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-vaccinatie/aanpak-coronavaccinatie/boostervaccinatie . Hij vervolgt zijn oude spoor terug naar https://coronatest.nl/ waar nog een link op stond: “Ik wil me laten vaccineren”. Misschien leidt dat naar de booster-afspraak-pagina? Maar nee, zo ver zijn we nog niet, maar we zijn wel warm, want deze pagina heet: https://coronatest.nl/ik-wil-me-laten-vaccineren/online-een-afspraak-maken
en dat is natuurlijk precies waar het om ging. Voor de zekerheid kan Piet hier na alle eerdere informatiepagina’s nog een keer checken of hij wel in aanmerking komt voor een boostervaccinatie. Wel verwarrend dat hier in vette letters staat: “Afspraken voor een eerste of tweede (reguliere) vaccinatie” en dat je die alleen telefonisch kunt maken als je een uitnodiging hebt. Zit je met boosteren hier wel goed? Piet pakt toch door, want hier staat een link: “Maak een afspraak”, en ja hoor, eindelijk komt de enige juiste pagina in beeld: https://coronatest.nl/ik-wil-me-laten-vaccineren/wilt-u-een-afspraak-maken-voor-een-booster-vaccinatie met als eerste vraag: Wilt u een afspraak maken voor een extra prik (boostervaccinatie)? JA! JA! JA!

Even terzijde: als je denkt dat je hier ook een afspraak kunt maken voor een eerste of tweede vaccinatie, zoals je na de vorige pagina zo maar zou kunnen denken, dan heb je het mis. Want als je hier “Nee” klikt, wordt je rechtstreeks naar het telefonische circuit verwezen. Maar dat is een anders spel.

Piet geeft verder keurig antwoord op alle vragen die aan hem worden voorgelegd. En dan komt het moment suprême: hij logt in mijn zijn DigiD kiest een locatie en een tijdstip, vult zijn e-mail adres en zijn mobiele telefoonnummer in en de afspraak is gemaakt! Een kind kan de was doen, toch?

Even terzijde: Wat was het fijn geweest als Piet meteen met zijn DigiD bij de RIVM had in kunnen loggen, want daar was al alles over Piet bekend (en gelekt naar de online-fora van hackers op het dark web), de data van zijn vaccinaties, zijn BSN, zijn mailadres, zijn mobiele nummer … dat scheelt aardig wat vragen en gedoe. Alleen is het waarschijnlijk weer veel te moeilijk om het voor de burger makkelijk te maken. Maar het lijkt me niet zo netjes als Piet en zijn minder volhardende leeftijdgenoten er dan op worden aangekeken als de campagne niet zo vlekkeloos verloopt als kabinet en RIVM hebben verwacht of gehoopt gezien of ondanks alle informatiepagina’s.

Als ieder van mijn lezers nu met de kerst één oudere medeburger voor zijn rekening neemt en met hem/haar het RIVM-spel boosterbord speelt, dan is dat niet alleen gezellig en vermakelijk, maar het leidt ook nog eens naar een nuttige en keiharde afspraak. Doen? – Doen!

Hier onder volgt nog een leuke diashow van (screenshots van) alle betrokken webpagina’s, ter documentatie en vermaak. En laat ik erbij opmerken: die pagina’s veranderen permanent. We hebben een lerende overheid! En misschien komt het ooit nog eens zo ver dat de overheid de burger/gebruiker al bij het ontwerp of in de testfase betrekt. Het zou te mooi zijn.

Bomen

Mijn blog over “mijn” klimboom heeft veel losgemaakt. Zo kreeg ik van mijn buren het DIKKE OUDE BOMEN BOEK (Gerard Janssen) cadeau, zijn we naar de film van/over Peter Wohlleben geweest, en attendeerde een (jongere) oud-collega me op de fantastische bomen-pil van Richard Powers: “Tot in de hemel”. Hij had me al gewaarschuwd, maar ik ben er nu al bijna drie maanden mee zoet. Misschien groeien sommige bomen wel sneller dan dat ik lees…

Daarnaast ben ik op mijn wandelingen meer op bomen gaan letten en heb er foto’s van gemaakt. Gewoon met mijn mobieltje. Niks bijzonders. Het ging me om wat ik zag. Als je zin hebt, neem ik je in dit blog mee langs de fraaiste exemplaren.

Nummer 1: De reuzelevensboom is niet echt een klimboom. Dat zie je zo. Hij kan wel 70m hoog en meer dan 1000 jaar oud worden. En als je even googelt dan zie je op Duitse bosbouwsites meteen dat het de boom van de toekomst is. Hij groeit snel en levert veel hout. De plaatjes van gekapte lange, rechte stammen doen de harten van de Duitse bosbouwers hoger slaan. En dan kun je op je klompen aanvoelen dat ze daar geen 70m hoog worden en ook zeker geen duizend jaar oud. Dus gauw nog even genieten van de exemplaren die niet in een plantage gegroeid zijn. Deze kwam ik in Kastellaun tegen.

Deze bomenhand stond zo maar langs het wandelpad naar me te zwaaien. Ja, en nee, natuurlijk staat deze boom daar niet de hele tijd op mij te wachten, dat weet ik ook wel, maar toch!

Op dezelfde wandeling die door een prachtig beekdal voerde, zag ik deze afgezaagde stam in een beekje liggen. Hij was van binnen al zo ver vergaan dat het water er dwars doorheen kon lopen en aan de onderkant als uit een bronnetje weer tevoorschijn kwam.

Slechts een paar stappen verder trof ik dit geraamte aan. Net een afgekloven poon, toch?!

En van daar uit spring ik zomaar in dit raadselachtige plaatje. Zonder uitleg zul je niet gauw weten wat je ziet. Ik sta hier midden in een oude wilg. De foto is langs mijn rode werktrui recht naar beneden genomen, langs mijn broekspijpen tot aan mijn schoenen. De oude holle wilg zat van binnen vol plantjes en turfmolm. Die ben ik eruit gaan scheppen tot ik in de boom zo diep gezakt was dat ik er bijna niet meer uit kwam. Oude wilgen vind ik geweldig. Vooral de opengescheurde veelkoppige monsters die je bijna met een nagelschaartje moet knotten omdat ze anders meteen omvallen. (Juist, het knotseizoen is weer begonnen!)

Wat ik hier zie, weet ik zelf niet zo goed. Dit grumpy old tree achtige object met capuchon en kiespijn is ontstaan in het gat van een afgebroken tak dat een boompaddenstoel ten volle is gaan benutten. Het doet me ook ergens aan filler denken. Na de 20ste plastisch chirurgische ingreep zou je er zo uit kunnen zien.

Wat zich onder de grond bevindt dat zie je natuurlijk normaal niet. Hier zie je een es langs een slootkant wortelen. In de loop der jaren zijn alle uitlopers naar de slootkant toe afgesnoeid. Dat zorgt voor prachtige bulten en gaten. En in het grote gat woont een muis. Echt!

Wat ik bij deze olifantspoot zou moeten vertellen weet ik eigenlijk niet. Het plaatje spreekt voor zichzelf. Alleen zit die slurf natuurlijk op een totaal verkeerde plek.

Hier dansen twee verleidelijke jonge beuken met een eik. Jaja, ik ben weer lekker bezig, maar kom even met me mee, want op het (na dit plaatje) volgende plaatje ….

… zie je aan de linker kant hoe beuk en eik met hun knieën lepeltje-lepeltje de grond in groeien. Dat ziet er mooi harmonieus uit maar als de relatie zo lang duurt …

… dan zie je uiteindelijk dat de eik door de dansende beuken ingepalmd wordt en het aflegt. Einde feest? Genieten tot je erbij neervalt? Zeg het maar of wandel de volgende keer mee om samen te filosoferen en de fantasie de vrije loop te laten.

Wat rest zijn dan de getuigen van een groots leven zoals deze:

Bijzonder aardig in deze tijd vlak voor Sinterklaas is het toch wel als bomen een letter voor je vormen. Deze is niet volmaakt. De uitgroei naar links boven stoort een beetje. Maar je moet ook niet te veel van bomen verwachten. Dat dan ook weer niet! Laten we wel wezen. Ik ben met deze H dik tevreden.

Tja, ik heb even gedacht: zal ik of zal ik niet? Ik heb deze foto er toch maar bij geplaatst want een van mijn lezers is gynaecoloog. En aan hem moest ik meteen denken. Maar dat zegt natuurlijk weer meer over mij dan over die boom. En zo ben ik weer degene die zich in een gênant daglicht plaatst. Nou, maak er maar wat anders van! En excuses bij voorbaat. Een meer kunstzinnig georiënteerd mens ziet er mogelijk een harp in!

Berken kunnen zowel horizontaal als verticaal geheimzinnige streepjescodes vormen. Die moet je gewoon zo lezen als je ze ziet. Je mobieltje helpt je daarbij niet verder. Dat is duidelijk.

En soms heeft ook een enkele tak even moeite om zijn eigen draai te vinden. Maar uiteindelijk gaat alles naar het licht.

En dan maak ik meteen gebruik van de gelegenheid om jullie allemaal een fijne “Adventszeit” toe te wensen, kerstdagen/joelfeest in gezondheid en vrede en een goede jaarwisseling. We houden contact – via onze worteltjes 😉

Scheiße

“Nederland is een gaaf land”, blijft ons fietsende icoon met de gezonde appel maar zeggen, onze  demissionaire MP met zijn duim omhoog die zijn leugen geen leugen noemt en die van diverse soorten geheugenverlies een soort kunstproject heeft gemaakt. In mijn oude Heimat wordt hetzelfde onderwerp liefdevol van een andere kant benadert met de slogan: “Woanders is auch scheiße”. Ik sluit me graag bij deze laatste invalshoek aan. Interessant daarbij is dat je thuis meestal donders goed weet wat “scheiße” is, maar dat je als je dan toch ergens anders naartoe gaat, normaal gesproken niet meteen op zoek bent naar wat daar “scheiße” is. In tegendeel!

Zo hebben we pas weer ervaren hoe ongelofelijk mooi sommige gebieden van Frankrijk zijn en hoeveel ruimte en rust daar nog is. Wat ons op onze tocht via camperplaatsen en door steden ook opviel: overal zijn er – doorgaans goed verzorgde en vaak ook zich automatisch reinigende – openbare toiletten, zelfs op een parkeerplaats boven op een pas en ook in een schilderachtig klein dorp pal achter de kerk. Bij een stadsbezoek hoefde ik maar een blik op mijn gps te werpen om binnen korte afstand minstens één openbaar toilet te vinden. Gevolg is wel dat we veel minder koffie hebben gedronken dan in Nederland en als we koffie hebben gedronken hebben we dat gek genoeg gedaan omdat we daar zin in hadden.

Nog een aanrader vóór je via de snelweg Nederland weer in komt: maak gauw nog gebruik van een van die mooie parkeerplaatsen met toilet! Die zul je achter de grens niet zo gauw meer tegenkomen. Wat je wel tegenkomt is een bord: “Kom je uit het buitenland? Laat je testen!” En dat terwijl de besmettingscijfers in Nederland van meet af aan veel en veel hoger zijn dan in de ons omringende landen.

Wat een arrogant xenofoob benepen kutland is Nederland toch. Blind voor wat elders beter is, de duim blijven opsteken voor jezelf. Maar ja: “Woanders is auch scheiße”!

P.S.: Dorine vindt “benepen kutland” iets te ver gaan. Misschien klopt dat. En misschien is het elders ook niet zo erg.

Naschrift (15-10-2021)

Ik had beter naar Dorine moeten luisteren. De reacties op mijn blog stromen binnen. Met het woord “kutland” heb ik de plank duidelijk mis geslagen. En daar ben ik het achteraf helemaal mee eens. En Adelbert heeft volkomen gelijk: Ook ik woon en leef graag hier in Nederland en zie nog geen enkele reden om elders asiel te zoeken. De drie gewraakte letters in het blog heb ik nu dan ook doorgehaald. Maar ze blijven doorgehaald staan, want anders ontberen de reacties van Adelbert en Alex hun aanknopingspunt.
Wat op de achtergrond mogelijk heeft meegespeeld dat ik zo uitgeschoten ben: Ik had net een formulier moeten invullen waarin GroenLinks zich in verband met mijn kandidaatstelling wil verzekeren van mijn integriteit en waarin vragen over mijn verleden in staan die mij het gevoel geven dat ik aan een soort inquisitie word onderworpen.
Tot overmaat had een bank mij ook nog gevraagd (dringend/dwingend verzocht) om aan te tonen dat mijn spaargeld niet uit “drugswinsten” of “witwassen” afkomstig is. Ik had ervoor kunnen kiezen om hieraan niet mee te werken, maar dan zou er mogelijk een melding naar een opsporingsinstantie worden gemaakt. En wat er kan gebeuren als de overheid eenmaal achter je aan zit dat weten we de laatste jaren maar al te goed. Wat mij hieraan bijzonder stoort is de onzinnigheid van deze oefening omdat mijn aangiftes inkomstenbelasting een volledig en sluitend historisch beeld geven over mijn inkomsten. Dus waarom stuurt de staat banken als honden achter erkend dom-trouwe spaarders aan die zich via de meer dan twijfelachtige rendementsheffing lekker laten melken?

Wat is er toch mis gegaan in Nederland dat de burger steeds vaker als verdacht of onbetrouwbaar wordt aangemerkt en dat de bewijslast steeds vaker wordt omgedraaid? Is dit het gevolg van de onmacht van de staat om criminaliteit doelmatig en doeltreffend aan te pakken? Waarom ….. ho! Voordat ik weer doordraaf: Ik woon en leef nog steeds graag in dit narco-belastingparadijs. Er blijft nog genoeg leuks te zien en te ontdekken.

Ik hoop dat ik het nu weer goed gemaakt heb bij jullie. Sorry voor mijn misser.

En ik wil nog even de herkomst van “Woanders is auch scheiße” uit de doeken doen: Toen het Ruhrgebiet in 2011 culturele hoofdstad van Europa werd, was dit één van de slagzinnen waarmee het Ruhrgebiet zich mogelijk zou presenteren. Het verwijst ook naar de gelijknamige beeldband van Reinhard Krause.

Klimboom

En wat voor een klimboom. “Mijn” oude klimboom! Een spar uit duizenden!

Het is nu zo’n 57 jaar geleden dat ik er voor het eerst in klom. Mijn oma kreeg zowat een beroerte toen ik naar haar riep en zwaaide. Zij zat op een bank langs de helling aan de ene kant van het dal. Ik zat op gelijke hoogte met haar maar dan minstens 15 meter hoog in “mijn” klimboom die al sinds mensenheugenis met zijn wortels in de Waldbach onder in het dal stond. Wat moet je als jongen van 11 anders op vakantie in het Sauerland dan vanuit onverwachte verstopplekken iedereen zich het leplazarus laten schrikken? De klim in de spar was een vast succesnummer vooral ook omdat er niets moeilijks aan was. Haar dikke stam kwam halverwege weg en beek met een bocht uit de grond (zie foto onder).

Met een klein aanloopje kon je zo met je hand bij de onderste tak komen. En van daar ging een ware wenteltrap van takken omhoog tot in de top. Je kon je overal vastgrijpen. Eruit vallen was met zo veel takken onmogelijk.
Sindsdien krijg ik om de paar jaar de onbedwingbare behoefte om mij ervan te vergewissen dat zij er nog staat, dat alles in het dal nog in orde is, misschien zelfs dat alles wat elders in de wereld gebeurt er eigenlijk niet toe doet. Bij één van mijn vorige bezoeken constateerde ik dat twee van haar grootste takken zo ver naar buiten waren gegroeid dat ze met de punten parallel aan de stam recht omhoog verder groeiden – net of het geen takken, maar aparte sparren waren. Natuurlijk gaat dat ten koste van haar slanke sparrenfiguur. Mijn klimboom is dan ook een spar met buik. Het is bijna of zij zwanger is van nog een spar.

Het lijkt hier maar of zij minder groot is dan de sparren achter haar in het bos omdat het bos op de berghelling staat! We kijken recht op haar “buik”.

Ik was er (ook door corona) lang niet meer geweest. Op de Google stellietfoto was zij nog wel te zien. Maar dat zegt niet alles.

In het midden van de foto boven de Waldbach. Links haar “buik”.

Toen ik er kwam, leek het dal veranderd. De bomen langs de Waldbach waren flink gegroeid. Vanuit een bocht in het dal kon ik haar nog niet gelijk zien. Maar even later stak haar top midden in het dal majestueus boven alle andere bomen uit.

Wat een boom!

Zij is daar op eigen kracht gegroeid – van zaailing tot reus. En niemand zal het in zijn hoofd halen haar te kappen. Zij is een gezonde trotse boom die respect afdwingt. En dat is een heel verschil met haar soortgenoten die zich in particuliere productiebossen hutje mutje grotendeels tak- en naaldloos naast elkaar naar het licht verdringen en niet opgewassen zijn tegen de minste of geringste bedreiging zoals kevers of stormen. En net als in de intensieve veehouderij worden thans ook tal van bossen “geruimd” omdat ze door de letterzetter worden bedreigd. Hele bergtoppen en hellingen worden beschadigd door zware machines die het landschap kaal snijden en diepe sporen in de grond achter laten. Het wandelgebied wordt voor de toerist praktisch onbegaanbaar. En als het dan een keer extreem hard regent, zoals nu, loopt het water ongehinderd over de kale hellingen en door de voertuigsporen het dal in met alle gevolgen van dien.
De prijs voor hout is dramatisch gezakt. Geruimde sparren brengen nog maar een tiende op van wat de “Festmeter” een paar jaar geleden nog heeft gekost (stand juli 2021). Wat ik bij mijn bezoek gekapt heb zien liggen kost nog maar €9 de meter. In Duitsland is er door corona ook geen verwerkingscapaciteit meer omdat de werknemers in de zagerijen uit Polen en Roemenië niet meer inzetbaar zijn. Er is gewoon helemaal geen vraag meer naar. Het hout gaat dus per schip naar China. En het zou me niet verbazen als IKEA in China er meubels van laat maken die straks weer in o.a. het filiaal in Duiven worden aangeboden. En zo wordt er toch nog “winst” op gemaakt. Krankzinnig, maar waar.

Het moeten ruimen tegen zo’n lage prijs is een strop voor de boseigenaren. Of zij de aanplant van nieuwe bossen kunnen of willen bekostigen, is nog maar de vraag. Nieuwe aanplant moet worden beschermd tegen wild en onkruid. Dat is kostbaar. En als nieuwe aanplant achterwege blijft, is er een (kleine) kans dat de natuur haar gang kan gaan, dat zaailingen, wild en onkruid het onderling uitmaken voor wie er plek is en dat er over 300 of 400 jaar een prachtig oerwoud staat met gezonde reuzen zoals mijn prachtige klimboom. Maar ik ben bang dat er altijd weer een of ander figuur zal zijn die het om welke reden dan ook – en mogelijk zelfs met de beste bedoelingen – opnieuw verkloot.

P.S.: Manfred stuurde deze link naar een artikel over de kaalslag.

JMJ-acties

In het prille begin van mijn kennismaking met de ingewikkelde Nederlandse cultuur werd ik door de zus van mijn vriendin benaderd om geld te geven voor een “JMJ-actie”. Zij kwam aanzetten met een A4tje waarvan je een klein beschreven stukje af mocht scheuren als bewijs dat je voor de actie had gedoneerd. Wat een JMJ-actie zou kunnen zijn was voor mij een volstrekt raadsel omdat ik ook de katholieke achtergrond miste. JMJ staat eigenlijk voor de zusters van Jesus, Maria en Josef die met hun goede werken kennelijk boven elke twijfel verheven geacht moesten worden (toen nog wel!). Een goed doel pur sang dus. In dit geval school echter iets anders onder het label. Mijn schoonzusje in spe (en inmiddels al lang ex) kreeg zakgeld en kleedgeld, moest een nieuwe winterjas hebben maar vond het zonde om daar haar kleedgeld in te steken. Dat was al lang uitgegeven of zij wilde er liever “leuke” kleren van kopen. JMJ stond voor Jas (voor) Mij (van) Jouw. Niet doneren voor zo’n goed doel in deze setting was geen optie.

Tegenwoordig heb ik twee super activistische kleinzonen. Met hun kleren zit het wel snor. Maar met de rest van de wereld niet. Zij stellen zich met ongekend veel idealisme in dienst van acties van het WWF en de redding van de aarde in het algemeen. Zij hebben al tot twee keer toe de tv gehaald met hun aanpak. Zo jong ze ook zijn, het zijn als het ware senior “rangers” van het WWF. Ze hebben al verschillende soorten van het wisse uitsterven getracht te redden door zelf gemaakte tekeningen te verkopen, viool te spelen, etc. etc. Nooit en te nimmer lieve lezer zou ik erover hebben gepiekerd je met een dergelijke actie lastig te vallen, ware het niet dat het deze keer om iets echt waanzinnig groots gaat: de walvis moet worden gered! Hij en andere zeedieren worden door plastic bedreigd. En voor deze actie wordt werkelijk alles uit de kast gehaald. Het begint met de tekeningen. Van deze zelf gemaakte tekeningen zijn kaartjes gemaakt die huis aan huis worden verkocht voor € 2 per stuk.

De narwal van Seppe is al indrukwekkend in zijn soort.

Met mijn totale “dyslexie” op het gebied van tekenen kan ik deze tekening van Tijn alleen bewonderen.

Ook worden er aan de hand van foto’s of zittende modellen op afspraak karikaturen gemaakt. Zie onder waartoe dat bijvoorbeeld in mijn geval kan leiden. (Karikaturen zijn wat duurder!)

Huis aan huis worden statiegeldflessen opgehaald, er wordt zelfs zwerfvuil op straat verzameld om o.a. aan statiegeldflessen te komen, en en en…

Daarnaast kun je deze jonge top-rangers ook geheel belangeloos helpen door online te doneren op hun actie-pagina (https://rangers.wwf.nl/rangeractie/plasticjagers/actie/de3potvissen)

Deze actie wordt samen met vriend Joris uitgevoerd. De drie noemen zich “de drie potvissen”. En over de totstandkoming van hun actie is er een heuse strip vervaardigd, waarvan hier een fragment met de kern van het verhaal:

Donateurs die de tekeningen graag digitaal in hoge resolutie willen ontvangen, ben ik gaarne van dienst. Want opa Helmut doet uiteraard ook mee 😉
Niet meedoen is ook in deze setting voor mij geen optie.

En het blijft maar doorgaan met weer een nieuwe tekening van Tijn …

Summertime

Ter inspiratie een klein fotoblog van onze kat Iza …

Ik heb nog geprobeerd om Iza een verloren ei van de koolmezen te laten uitbroeden bij wijze van “een een soort van” #Wiedergutmachung #excuus of zo, maar dat verstoort de rust te veel.

En als de kater van de buren op bezoek komt is het met de rust helemaal gedaan. Dan doe je toch geen oog meer dicht! 😉

Erbse

Mijn oude vriendin uit onze gemeenschappelijke zandbaktijd in de Heimat ging laatst op bezoek bij haar dochter en de “Erbse” (dat is hun voorlopige aanduiding voor het nog ongeborene). Wij allen verkeerden ooit in die staat van “erwt”. In de beginjaren vijftig van de vorige eeuw was het nog volstrekt onmogelijk om vóór de geboorte ook maar iets meer over de hoedanigheid van de erwt te weten te komen. Pas na de geboorte kon ik bijvoorbeeld met de kennis van toen worden aangeduid als “jongen” en ambtelijk van het geslacht “m” worden voorzien. En dat baseerde men destijds in alle onwetendheid uitsluitend op wat men tussen mijn benen zag! En dan moest de erwt natuurlijk ook nog een naam hebben en dat werd in die tijd eigenlijk vanzelfsprekend ook een “jongens”naam. Men wist gewoon niet beter, en ik neem ook niemand iets kwalijk.

De puberteit was al moeilijk zat want ik verkeerde bijna uitsluitend in het gezelschap van voormalige erwten van dezelfde administratieve indeling. De erwten met een administratieve v gingen naar een school die best ver weg was. Was ik nou homo omdat ik bijna uitsluitend omging met mijn soort erwten of hetero omdat ik bijzonder nieuwsgierig was naar de v-erwten? Dat was best wel een relevante vraag!

Afgezien van wat mijn ouders nooit te weten zijn gekomen, heb ik verder gewoon maar geprobeerd om te voldoen aan de verwachtingen die mijn omgeving van mij had of waarvan ik dacht dat mijn omgeving die had. Die verwachtingen waren soms ook niet niks. Dus denk maar niet dat dat per definitie de gemakkelijkste weg was. Maar ook ik wist niet beter en heb min of meer opportunistisch en soms zelfs vol overgave het hetero-pad ingeslagen.

Verwarrend was dat er zo nu en dan telkens weer mannen probeerden mij van dat pad af te brengen met als hoogtepunt vrij recentelijk nog een Roemeense geestelijke die mij met hemzelf in de echt wilde verbinden en daardoor te laat bij een bruiloft kwam. En of dat niet genoeg was (dit kwam mij ter ore), hielden sommige vrouwelijke collega’s mij voor een leernicht, terwijl ik gewoon motor reed en leren broeken mooi winddicht en warm zijn en ook regen tegenhouden. Bovendien vind ik leer lekker aanvoelen.

En dit soort problematiek valt natuurlijk helemaal in het niet vergeleken bij de meer existentiële vraagstukken over het zijn “an sich”, de kwestie of individualiteit überhaupt bestaat, hoe het ik zich verhoudt tot het wij en of wat ik gemakshalve aanduid als “ik” niet in wezen een kwantum-effect is.

Met geen haar op mijn hoofd heb ik mij tot nog toe echter afgevraagd of ik “binair” dan wel “non-binair” zou kunnen zijn. En die vraag dringt zich nu toch sterk op. Steeds meer belangrijke persoonlijkheden die ik niet kende, presenteren zich publiekelijk vol trots als non-binair.

Ik wil nu – ook gezien mijn leeftijd – niet meer in de val trappen om mij als binair dan wel non-binair te positioneren. Om alle toekomstige ontwikkelingen vóór te zijn verzoek ik eenieder mij voortaan als non-alles te bejegenen en bij elke nieuwe ontmoeting geheel in de geest van de kwantumtheorie op basis van observatie mijn dan actuele toestand zelf te bepalen. Ik ben dus in zekere zin non-b/n-bLHBTIQAPC++** of eigenlijk nog het liefst “erwt” tot ik anders word waargenomen (waarbij de waarneming geheel voor eigen rekening is!).

Energievragen

Weet jij wat energiezuiniger is: tv-kijken via de kabel, satelliet of via terrestrische antenne? Alles wat via kabel of glasvezel gaat, moet immers via energie-slurpende datacenter, denk ik. En wat via de lucht komt … Dus misschien doen we het helemaal fout nu? Maar ik weet het niet. Tv-toestellen zijn in elk geval een stuk zuiniger geworden. Met een oud buizentoestel zou je een modern geïsoleerd huis waarschijnlijk lekker warm kunnen stoken (als je maar blijft kijken).

En wat was er ook alweer mis met onze oude gloeilampen? Ze produceerden meer warmte dan licht. En daar gaat het natuurlijk niet om. Maar als je licht nodig hebt, in de wintermaanden, moeit je toch ook stoken! Dan schelen gloeilampen mijns inziens mooi in de stookkosten!?

Lieve lezer, je ziet het al, ik snap er niets van. En tot overmaat van ramp willen ze onze wijk tot 2030 op een warmtenet aansluiten en aardgasvrij maken, bij wijze van experiment of zo. De warmte moet uit het Zwanenwater komen en de elektriciteit voor de warmtepompen van een panelenpark langs de Molsweg. Als je maar genoeg warmte aan het Zwanenwater onttrekt, zou je er zelfs in zachte winters op kunnen schaatsen, denk ik dan. En dat is natuurlijk hartstikke vet leuk. Maar hoeveel energie kun je nog uit een dichtgevroren Zwanenwater halen als de winter wat langer duurt? En hoe ga je die warmte met behulp van pompen opwaarderen als er sneeuw op het panelenpark langs de Molsweg ligt? Ik zie me op mijn 80ste al in drie dekens gehuld dicht tegen de houtkachel gezeten een illegaal nood-vuurtje stoken.

Met dat beeld voor ogen heb ik onze oude cv-ketel nu maar gewoon laten vervangen door een nieuwe, de beste koop van de consumentenbond. De aanvoertemperatuur had ik vanwege meer rendement uit het gas afgelopen winter op de oude ketel al terug gezet op 55 graden. En zolang het geen 10 graden vriest, krijgen we het huis daarmee warm. Dus desnoods zou ik ook een warmtepomp kunnen nemen. Maar dat doe ik niet! Want als het dan over 10 of 12 jaar in de winter flink mis gaat en er geen stroom meer is om datacenter te laten draaien, al die elektrische auto’s op te laden en warmtepompen alle Zwanenwaters energieleeg te laten zuigen … moet je eens kijken hoe gezellig het dan hier in huis wordt omdat wij het nog warm hebben op gas. En hoe meer mensen, hoe meer warmte! – Ja, laat me toch gewoon lekker dromen. Ik weet heus wel dat de cv-ketel ook stroom nodig heeft. Maar daar verzin ik nog wat op!

En dat die klote-marktwerking alles oplost: vergeet het maar! Eerst wordt de gasprijs politiek flink verhoogd om iedereen van het gas af en aan de stroom te krijgen. Maar moet je dan eens zien wat er met de stroomprijs gebeurt als er sneeuw op de panelen ligt en de windmolens stil staan. En dan ben je klant van een warmtenet-aanbieder, een monopolist, waar afgedankte politici hoog gedoteerd in de Raad van Commissarissen zitten en de aandeelhouders vette winst opstrijken terwijl ze op het subtropische Groenland vakantie houden.

Ik kan alleen maar zeggen: zorg voor voldoende hout en warme dekens! En om ondertussen het verschil te maken: hoe ver kun jij met de aanvoertemperatuur zakken zonder in te boeten op comfort?